Corona zorgt niet voor daling Vlaams aardappelareaal

Ondanks een oproep van de aardappelverwerkende industrie om contracten voor het komende aardappelseizoen te schrappen, zijn er dit voorjaar niet minder aardappelen geplant door de Vlaamse landbouwers. Het aardappelareaal blijft min of meer status quo, goed voor in totaal 55.717 hectare. Dat blijkt uit een voorlopige analyse van de verzamelaanvragen 2020 door het Departement Landbouw en Visserij. Ook het areaal vezelvlas, groenten en maïs stijgt, terwijl het graanareaal afneemt.

Door de coronacrisis kregen de Vlaamse land- en tuinbouwers tot 12 juni de kans om de teelten op hun areaal door te geven via de verzamelaanvraag. Nu die gegevens geanalyseerd zijn, geeft de Vlaamse landbouwadministratie inzicht in de trends die zijn vast te stellen op vlak van teelten. Al te grote verschuivingen blijven uit, maar toch zijn er enkele opvallende vaststellingen te maken.

Geen dalend aardappelareaal door corona

Het Vlaamse aardappelareaal kent al een aantal jaren een stijgende tendens. Die groei wordt aangestuurd door uitbreiding in de aardappelverwerkende industrie. Maar de coronacrisis heeft de aardappelketen zwaar getroffen. De vraag naar verwerkte aardappelproducten was compleet weggevallen door het sluiten van de horeca en het afschaffen van evenementen wereldwijd. Als grootste exporteur van verwerkte aardappelproducten waren de gevolgen in België groot.

In volle plantperiode van het nieuwe seizoen werd duidelijk dat er nog 1,7 miljoen ton aardappelen in de Belgische bewaarschuren lag, waarvan ruim 500.000 ton bestemd was voor de vrije markt. De Belgische aardappelverwerkers garandeerden de telers als snel dat het er alles aan zou doen om de aardappelen onder contract af te nemen, de vrije aardappelen leken plots waardeloos te worden. Om die contractaardappelen te kunnen verwerken, zouden de fabrieken ook één tot twee maanden langer blijven draaien op oude oogst.

Dat betekent dat het nieuwe seizoen (2020-2021) met één tot twee maanden zal ingekort worden. Om hierop te anticiperen hebben een aantal verwerkers de aardappeltelers aangeschreven met de vraag om een aantal contracten alsnog te schrappen. Sommigen gaven daarvoor een vergoeding van 250 euro per hectare aan de telers en het pootgoed zou door de verwerking terug opgehaald worden. Volgens Belgapom, de sectorfederatie voor de aardappelhandel en -verwerking, zei dat telers wel geneigd leken in te gaan op die vraag.

Nu de arealen uit de verzamelaanvraag bekend zijn, is duidelijk dat deze ingreep zeker niet gezorgd heeft voor een daling van het Vlaamse aardappelareaal. Al merkt het Departement Landbouw en Visserij op een stijging van het areaal werd verwacht in 2020 door het relatief goed economisch saldo en een stijgende vraag van de industrie. “De uitbraak van de coronacrisis net voor de aanvang van het plantseizoen verklaart wellicht waarom de verwachte toename zich toch niet heeft doorgezet”, klinkt het.

Minder graan, meer maïs

De daling van het areaal wintertarwe (-7,5 %) en wintergerst (-7%) kan worden verklaard door de moeilijkere zaaiomstandigheden in het najaar van 2019, waardoor niet alles is gezaaid als wintertarwe en dus nog een deel werd ingezaaid als zomertarwe dit voorjaar. Toch zien we dat de graangewassen in totaal terrein verliezen. Het gaat om een totale daling van 5,36 procent in vergelijking met 2019. Het graanareaal bedraagt dit jaar net geen 82.000 hectare.

De lichte stijging in het areaal maïs (+3%) compenseert voor een stuk dat lagere areaal wintergranen, maar kan deels ook worden verklaard door de nood aan extra ruwvoeder door de slechte oogsten de voorgaande jaren toen droogte en hitte de ruwvoederproductie parten speelde, laat het Departement Landbouw en Visserij weten. Zowel het areaal silomaïs als het areaal korrelmaïs neemt toe, samen goed voor ruim 178.000 hectare in 2020.

Meer vlas door goede prijsvorming

Een opmerkelijke stijging valt wel te noteren bij vezelvlas (+ 22,5 %), hoewel het met 4.535 hectare in 2020 gaat om een relatief klein areaal. De duidelijke toename is te wijten aan de goede prijsvorming tijdens de voorbije jaren.

Bron: VILT